|
Telnet is een dienst waar beginnende Internet-gebruikers zelden of nooit gebruik van zullen maken. Het Telnetprotocol wordt gebruikt om een terminal na te bootsen: 'terminalemulatie' zegt de vakman dan. Met Telnet werkt u rechtstreeks op de computer waarbij u zich aangemeld heeft. U bent dan echter wel gebonden aan het besturingssysteem van die computer, ook wel de 'host'. In veel gevallen zal dat een Unix-machine zijn. Telnet kan beschouwd worden als de basis van alle Internetdiensten. U kunt er in theorie bijna alles mee doen: e-mail, ftp, nieuwsgroepen. Het is snel, maar voor die shelheid betaalt u een prijs: het gebruiksgemak. De toepassingen die u in een Telnet-sessie kunt gebruiken zijn meestal commandoregel georienteerd en u bent afhankelijk van de toepassingen die op de host geinstalleerd zijn. Bovendien is Telnet een erg machtig protocol. Kleine commando's kunnen grote gevolgen hebben. Het is daarom dat sommige providers geen Telnet-toegang tot hun servers geven. Het zal duidelijk zijn: effectief gebruik van Telnet is alleen mogelijk als u een ervaren cmpuergebruiker bent die kennis heeft van commandoregel georienteerde besturingssystemen zoals bijvoorbeeld UNIX. De insecure Telnet methode zal worden vervangen door secure Telnet. Daarom raad ik u in verband met SSH sterk aan, om behalve onderstaande informatie u ook te verdiepen in SSH. Wat is Secure Shell? Met Secure shell (SSH) kunt u op een veilige manier inloggen op Internet. Het werkt in feite als een soort tunnel die zorgt voor een codering van de inlogprocedures. Deze encryptie beveiligt het systeem. Er kan niemand van buitenaf op het systeem inbreken, waardoor uw informatie optimaal beschermd is. SSH biedt verschillende mogelijkheden. Wachtwoord-authentificatie, RSA en Firewall authentificatie.Hoe werkt Secure Shell? Bij het gebruik van SSH is uw medewerking absoluut van belang. Door SSH altijd te gebruiken wanneer u op systemen inlogt verhoogt u uw eigen veiligheid. Inloggen met sSH kan op verschillende manieren en is afhankelijk van het platform dat u gebruikt. Voor de Mac bestaat bijvoorbeeld weer een andere procedure dan voor de PC. |
|
In de vroege Middeleeuwen van de opkomst van de computer bestonden er nog geen personal computers. Er was een centrale computer (de 'server') waaraan een aantal terminals gekoppeld was. Deze terminals beschikten over een zeer bescheiden intelligentie. Waneer er bijvoorbeeld een bepaalde schermbesturingscode naar de terminal gestuurd werd, wist de terminal 'aha, hele scherm schoonpoetsen' of 'Hé, nieuwe regel'. Alle toepassingen werden uitgevoerd op de server die zijn bevindingen opstuurde naar de terminal die de toepassing opgestart had. Ook nu zijn er programma's die gebruik maken van schermbesturingstekens. Het bestand ANSI.SYS (gebruikt bij DOS-computers) is niets anders dan een tabel waarin code en actie van een aantal schermbesturingscodes gedefinieerd zijn. Zeker in de duistere tijden (dark ages) waarin computers met de omvang van een kleinde vrachtauto en de capaciteiten van een Commodore 64 als zeer geavanceerd golden, was dit een doelmatige manier van werken. Het overdragen van informatie kostte op deze manier weinig tijd en ook dat was prettig omdat de snelheden danig traag waren. Zo'n tien jaar geleden was een modem met een maximaale overdracht van 2400 bps zo'n beetje de standaardmodem. Met Telnet kunt u een computer gebruiken alsof-ie een terminal is. U kunt een bepaald terminaltype emuleren, nadoen. In een Telnet-programma moet u een terminalstandaard instellen. Deze terminalstandaarden zijn softwarematige kopieën van daadwerkelijke terminals. Wat u in feite instelt, zijn de schermbesturingscodes die voor de communicatie gebruikt worden. De host zal de terminal (in dit geval uw Telnet-programma) vragen om te melden wat voor type het is, zodat zowel de host als de terminal van dezelfde schermbesturingscodes gebruik maken. VT100 en ANSI zijn gangbare terminalstandaarden. De meeste hosts die u met Telnet benadert zullen een van deze twee standaarden ondersteunen. |